Soester Courant

De Germanen in ons land 1940-1945

Publicatiedatum: 18-05-2005

De oorlog op 10 mei 1940 was nog maar amper uitgebroken of Soest was al in rep en roer. Er waren ter verdediging van Nederland verschillende verdediginglinies gebouwd en één ervan was de Eemlinie. Als deze in de gevechthandelingen zou worden betrokken lag Soest in de vuurlinie. Er lag al een plan klaar voor evacuatie en dat werd na de inval door de Duitsers spoedig uitgevoerd. Binnen een paar dagen moesten delen van Soest evacueren naar West-Friesland. Oudere Soesters kunnen zich dat nog goed herinneren. De bekende soester Mr J.H.van Doorne Sr beschrijft dit alles in zijn “dagboek van een Soester dorpeling” getiteld: “De Germanen in ons land” (1940-1945)
Wij citeren uit het dagboek.

De uittocht naar Noord-Holland, het befaamde tuinbouwgebied boven Amsterdam, is begonnen. Alles voltrekt zich volgens het opgestelde plan. Eerst het zuiden van Soest, dan het centrum en vervolgens het noordelijk deel.Het is een halfuur lopen tot aan station Baarn, waarvan de evacuatietreinen vertrekken. De meesten onder ons gaan te voet. Fietsen kunnen niet worden meegenomen in de trein. Ouden van dagen en kinderen en zieken worden met auto’s van particulieren en met autobussen weggebracht. De treinenloop stagneert nogal eens. Vaak moeten mensen uren wachten voor hun trein is voorgereden en de achterstand is niet meer in te halen., zodat de laatste groep die om acht uur moest vertrekken pas om middernacht wordt ingeladen.Wanneer het geregend zou hebben zou dit een ramp zijn geweest voor de duizenden Soester mannen vrouwen en kinderen, die daar als een kudde schapen bijeengebracht waren op het stationsplein.
De volgende dag is het onze beurt. Van de vorige dag is veel geleerd. Vooral het sjouwen met de bagage. (iedereen mocht 20 kg meenemen) was tegengevallen. De burgemeester neemt terstond maatregelen. Vrachtauto’s worden gerequireerd om de volgende dag door de straten te rijden, waar ieders bagage, zorgvuldig ingepakt en voorzien van naam adres en groepnummer, voor zijn huis gereed staat. Ze worden met aparte goerderenwagons vervoerd en bij aankomst kan iedereen zijn eigen bagage ophalen in een grote veilingloods. Deze tweede dag is iedereen tijdig aanwezig en om vier uur ‘ s middags vertrekt de trein. 
Het is half een in de nacht als ons gezin aankomt in Bovenkarspel en wordt gegidst naar het huis van onze gastheer.We worden ontvangen alsof we familie zijn , die komt logeren. De tafgel staat gedekt, een geurige soep staat te dampen en de uitnodiging om maar direct te beginnen behoeft geen tweemaal gedaan te worden; we hebben honger als een paard.

In de “Streek” maken we de oorlog mee. Dat wil zeggen dat we er daar niets van merken alleen van wat we uit de krant of radio vernemen. We brengen de tijd door met wandelen en praten met vrienden en kennissen over de oorlogstoestand. En Oh die berichten die doorsijpelen. De gekste en meest fantastische geruchten doen hier de ronde. De een zegt dat Utrecht in brand staat, de ander komt met de mededeling dat men de Zuiderzeedijk heeft laten springen om de Veluwe onder water te zetten.. Bij de een is een munutieopslagplaats in zijn kippenhok gevonden, reden, waarom hij op staande voet is gefusilleerd. Bij een ander is een geheime zender gevonden.
Maar als een gemeenteambtenaar op de fiets rechtstreeks uit Soest overkomt, blijkt hij van niets te weten. Om tactische aard zijn radio en krant sober met berichtgeving. De man uit Soest had in Amsterdam op het IJ-pont naast een sergeant van de motorbrigade gestaan die aan iedereen verkondigde dat er in Soest geen steen meer op de andere stond! Waarop hij nuchter had geantwoord: “ Dan moet dat het laatste halfuur gebeurd zijn, want twee uur geleden ben ik nog door Soest gereden. De sergeant had zich verontschuldigd met een” ze hebben mij dat verteld”. Er wordt veel te veel gekletst! Als de ooggetuige uit Soest in de Streek aankomt zitten de evacue’s in korte tijd in drommen om hem heen in de gelachkamer van de oude dorpsherberg en stormen de vragen op hem af.
Ja, de huizen in Soest hadden getrild op hun fundamenten, door het gedonder van het geschut dat steeds naderbij kwam. Hier en daar was zelfs een ruit gesprongen. In angstige afwachting hadden de achterblijvers, behalve de vrijwilligers natuurlijk en de officiele autoriteiten, zoals politie en brandweer, de naderende opmars aangehoord. Nog een paar uur en Amersfoort zou zijn gepasseerd. 

Uit de Eem-stellingen was geen schot gelost. Toen het valse bericht doorkwam dat de Duitsers al in Amersfoort zaten, had de bemanning van de stellingen de benen genomen. Of- zoals dat in militaire termen heet: zich tactisch teruggetrokken op tevoren vastgestelde strategische punten. 
Eten was er niet in Soest zo vertelt onze dorpsgenoot/ooggetuige verder. Bakkers, kruideniers en slagers zijn eveneens geevacueerd, zodat, wie zelf niets te bakken of te slachten heeft en geen voorrraad heeft, het maar zonder brood, vlees of kruidenierswaren moet stellen.Bovendien zijn alle winkels, voor zover daar nog voorraad was aanwezig was, leeggehaald ten behoeven van onze militairen. Het zal dus verstandig zijn, maar niet zo gauw terug te keren en zeker niet allemaal tegelijk. Zo wordt onze vacantie nog met enkele dagen verlengd. Na de overgave aan de Duitsers willen we liefst spoedig naar huis. We zijn al met al hoogstens 14 dagen weggeweest en vrijdags we weer huiswaarts. Enkele zijn al op eigen gelegenheid vooruitgegaan, maar de massa vertrekt in gerequireerde autobussen. Het afscheid is allerhartelijkst. ‘s Middags rijden we het bijna onbeschadigde Soest binnen met een gelukkig gevoel weer echt thuis te zijn. 
Tot zover citaten uit het dagboek “DE GERMANEN IN ONS LAND”, van mr J.H.van Doorne sr.
Nadere informatie over dit boek kan de belangstellende verkrijgen door de “info-brief” over dit boek op te vragen bij de auteur, die U gratis wordt toegezonden. Zijn adres is: Hans van Doorne jr, Nieuweweg 74, 1761 EJ, Anna Paulowna. 

We hebben ook een foto die genomen is voor het gemeentehuis in Bovenkarspel.
Namen: Zittend vlnr; 1 De postcommandant van de rijkspolitie Bovenkarspel 2. De heer M.M.van Wely hoofd openbare lagere school Beetzlaan en leider van blokhoofden; 3. De burgemeester van Bovenkarspel.
Staande de Blokhoofden vlnr: 1. Johan Vervat, rijwielhandelaar.2 P.Schagen, schoenmaker ; 3.Kees van Schalkwijk timmerman; 4.?;5.?;6.A. den Besten Beetzlaan; 7. Arie Priem (knecht van schoenmaker Schagen met lichte regenjas); 8.C.van de Broek, fietsenmaker; 9.Dirk Waal, ijzerhandel/ huishoudelijke artikelen. 10.G.L.A.Nijhuis, hoofd Mariaschool; 11.de heer J.A.Damhuis, onderwijzer Mariaschool; 12.?de heer H.G.Holtus, gepensioneerde Indiëganger; 13.de heer H.G.Holtus, gepensioneerde Indiëganger;.; 14 heer Pieper, hoofd van de RK-school; 15.? ; 16.J.S.Rasch, aannemer, Lange Bergstraat, nu van Straelenlaan 19. Zittend op hek: mr J.H.van Doorne, advocaat (schrijver van het geciteerde dagboek).
We verwijzen u graag nog naar Museum Oud Soest waar van 29 april tot 19 juni een tentoonstelling over de jaren 1940-1945 is te bezichtigen en waar u ook dokumentatie over de gedwongen “vlucht” uit Soest kunt zien.
Deze rubriek wordt namens museum oud soest verzorgd door Gijs van Brummelen. Reacties tel 6012158 of per brief naar de Soester Courant.

Nagekomen commentaar: No 13 de heer H.G.Holtus, gepensioneerde Indiëganger; wij kregen dit door van Hans Oomes uit Canada; kleinzoon van Holtus.


Heeft u aanvullende informatie bij dit artikel, gelieve contact met ons op te nemen.