Soester Courant

Constatinus Valentijn Webbers grafsteen

Publicatiedatum: 28-12-2003

Vandaag in Hervonden Soest een foto uit de Oude Kerk. U ziet een hoekje van de kerk met lessenaar en bijbel waar iedere zondag het evangelie wordt gelezen. En zeker in deze dagen het bekende hoofdstuk II van het Lukasevanglie waar beschreven staat dat twintig eeuwen geleden keizer Augustus het bevel gaf dat het hele rijk moest worden ingeschreven. “ Deze inschrijving had voor het eerst plaats toen Quirinius het bewind over Syrie voerde. Zij gingen allen op reis om zich te laten inschrijven , ieder naar zijn eigen stad. Ook Jozef trok op van Galilea, uit de stad Nazaret, naar Judea, naar de stad van David , die Bethlehem heet, omdat hij uit het huis en het geslacht van David was, om zich te laten inschrijven met Maria, zijn ondertrouwde vrouw, welke zwanger was.” En zo volgt in dit hoofstuk de geboorte van Jezus in een stal en de aanbidding van de herders. Tot zover het overbekende kerstverhaal. 
Kijken we naar de onderkant van de foto dan zien we een grafsteen. Met de tekst C.S.T.Webber en daaronder de letters B.O.K.W.A.H. Verder op de grafsteen zijn drie verschillende boompjes gebeiteld. 

Het verhaal van deze grafsteen is eigenlijk het omgekeerde van het evangelieverhaal. Geen mensen die zich moeten laten inschrijven maar een zoektocht naar mensen die reeds ingeschreven zijn. In dit geval oud inwoners van Soest. 
Wij moeten hiervoor beginnen met een oproep aan genealogen van ene Rob Webber in augustus 2002. ” Gezocht: Voorouders Webber. Via deze weg hoop ik iemand te vinden die mij behulpzaam kan zijn bij het verder onderzoek naar mijn voorouders. Daar ik in Denemarken woon is het voor mij niet zo makkelijk om onderzoek in de Nederlandse archieven te doen. Ik ben vastgelopen bij: Constatinus Valentijn Webber, gedoopt 23-11-1732 te Werkehoven. Voor zover mij bekend is hij drie keer getrouwd geweest. De eerste keer met Botje Drost, een kind uit dit huwelijk, Valentijn Webber is gedoopt 04-11-1759 te Soest. Vervolgens huwde hij op 04-02-1781 met Geertruij Kuijpers, weer een kind uit dit huwelijk met de naam Afida Webber geboren 25-03-1782 en gedoopt 22-04-1782 te Soest. Tenslotte huwde hij op 20-11-1791met Helena Weggelaar, waarvan geen verdere informatie bekend is” 
Op dit punt aangekomen moet ik het vaste ploegje Soester genealogen noemen die de oproep van Rob Webber uit Denemarken heeft opgepikt en hem bij een verder onderzoek naar voorouders in Soest hebben geholpen. 

Mensen die veel onderzoek naar voorouders van families in Soest doen zijn: Ton Hartman; Gérard Derks; Wim Routers; Dick van Fulpen Henk Hagen en Joke van Kleinwee van Dijssel.
Zij ontdekten dat de gezochte Constantinus Valentijn Webber op 05-08-1768 werd aangesteld als Armmeester te Soest, en volgens de lijst van huisgezinnen van 1786 was hij van beroep boomkweker ,hij had vier personen in zijn gezin en drie dienstboden. In die tijd behoorde hij zeker tot de welgestelden. Toch blijven er nog veel vragen omtrent Constantinus open. Zo is hij niet in de gemeente Soest overleden maar wel in de Oude Kerk begraven. Constantinus had een van de mooiste grafzerken van de kerk. Ton Hartman heeft wel een idee waar hij in Soest moet hebben gewoont. In Soest had volgens Ton Hartman had de protestandse kerk het alleenrecht om in de kerk te begraven. 
Begraven in de kerk was geen vanzelfsprekende zaak. Begraven in in kerk was eerst alleen voor degenen die zich verdienstelijk voor de kerk hadden gemaakt, pastoors en dominees en voor rijke personen die zo dicht mogelijk bij het altaar wachtten op de dag dat alle doden zouden opstaan. Vervolgens kregen de kooplieden toestemming en tenslotte werd iedereen die het kon betalen voor veel geld in de kerk begraven. Het was een goede bron van inkomsten voor de kerk. Maar ook daar kwam een eind aan. Bij wet werd het vanaf 1 januari 1829 verboden in de kerk te begraven. Niet het geld gaf de doorslag maar de hygienische omstandigheden. Al rond 1800 wilde Napoleon het begraven in de kerken verbieden. De doden waren te ruiken in de kerk, zo is ook de uitdrukking rijke stinkers ontstaan.

Bij een bezoek aan de Oude Kerk staande bij de zerk van Constantinus Webber vroeg de groep Soester genealogen zich even af ; zou die er nog onder liggen. Het antwoord in nee. De graven in de kerk zijn geruimd alleen weten we niet bij welke grote restauratie dat is gebeurd. Die van 1905 of van 1957. Dit blijft geheinzinnig en hopelijk vinden we daar nog eens aantekeningen van. Dit waren zo aan het einde van het jaar feiten en mijmeringen bij de mooie grafsteen van Contantinus Webber in de Oude Kerk.

Mevrouw Loentien Warnies belde en zei vertelde dat toen zij als hoofdzuster op Zonnegloren werkte zij meerdere malen hoorde dat haar baas de heer Berghauser Pont direkteur van Zonnegloren en toentertijd kerkvoogd van de Oude Kerk vaak aanwezig moest zijn bij de restauratie van de kerk in de jaren 1957 en dat er dan grapjes werden gemaakt over het knekelhuis Oude Kerk waar graven werden geruimd.


Heeft u aanvullende informatie bij dit artikel, gelieve contact met ons op te nemen.