Soester Courant

Het personeel van paleis Soestdijk

Publicatiedatum: 23-12-2009

Vandaag in hervonden soest een foto van mevrouw van Soeren uit Soesterberg. Toen zij zestien was en nog Gerda van Veen heette kwam zij te werken als dienstmeisje op paleis Soestdijk. Eerst in de koninklijke stallen aan de overkant van de weg en later in het paleis aan de Soester kant waar de verblijven waren van koningin Juliana. Ze heeft er vier jaar gewerkt van 1952 tot 1956. Toen trouwde ze met een jongen van Van Soeren van de Noorderweg.
Als enige meisje op de foto zou ze graag willen weten wie die chauffeurs en pikeurs op de foto zijn.

Eind november schreven al over deze foto begeleid met een lijstje van namen. Er reageerde verschillende mensen , meest oud personeel van het paleis ,die weer nieuwe namen aan ons doorgaven. De heer Brink, administrateur van de Prins Bernhard, opzichter gebouwen, Hanneke van Laar-Koedam, Eddy de Lange, Jan van den Hoff, chauffeur van prinses Juliana. Van den Hoff woont nog boven de stallen en maakte de lijst compleet. Als laatste spraken we met Jan Grift, bewoner van Honsbergen. 
Als jongen begon Jan in de bouw bij Uyland aan de Schoutenkampweg.Toen er geen werk meer was kwam Jan te werken bij de PUEM voor onderhoud. Jan beklom met van die mysterieuze ijzeren klimmers de electriciteits palen in Soest. Toen de electriciteit ondergronds ging en bij gebrek aan koperdraad moest Jan weer ander werk zoeken. Zo kwam hij bij het paleis Soestdijk als een Jantje van Alles. Hij werd aangesteld in de bosbouw, voornamelijk als zager en bomenkapper. Zomer en winter door, een hele overgang voor Grift. Hij vertelde dat de koningin hem een keer tijdens zijn werk had aangesproken. Het was kort nadat Nederland was geteisterd door een zware storm met veel omgewaaide bomen. De bossen bij en rond het paleis waren zwaar getroffen. De koningin liep met haar hondje door het bos van het paleis om de schade te bekijken. Ze sprak Jan aan met de vraag: “Meneer Grift kunt u mij vertellen waarom is die ene beukenboom tussen al die overige beuken nu juist is omgewaaid?‘
Samen bekeken ze de onderkant van de beuk die op zijn kant lag en aan de wortels kon Jan zien dat het toch een zwakke beuk was die door de storm was geveld. Wortelziekte, constateerde Jan. Hij wees de koningin op kleine witte puntjes aan de onderkant die duiden op schimmel. Zo‘n beuk kan soms nog wel 20 jaar mee maar bij een zware storm als deze gaat zelfs een grote beuk om als hij een extra klap wind vangt. Een begrijpelijke uitleg, maar de koningin had een eind verderop in het bos een andere dikke beuk gezien die halverwege was afgeknapt. ‘Hoe kunt u dit verklaren?‘ vroeg de koningin. Samen keken ze een beetje treurig naar de zwaar gehavende beukenboom. Ja majesteit, in dit geval is de timmerman aan het werk geweest, probeerden Grift de koningin uit te leggen. ‘De timmerman?‘ vroeg de koningin verbaasd. Ja majesteit, dat noemen we zo, de timmerman is de specht. De specht is een ijverige vogel die hamert met zijn snavel een gat in de boom en maakt zo een nest om zijn eieren in uit te broeden. Als de jongen vogels het nest hebben verlaten komt er soms water in te staan, de boom gaat van lieverlee van binnenuit rotten,en dan is het een keer einde mooie beuk. 

Jan Grift is 37 jaar bij het paleis in dienst geweest. Hij heeft als houthakker en zager veel bomen omgelegd, maar ook veel nieuwe aangepland, ook bij Drakenstein. Jan kijkt er tevreden op terug. Grift heeft zijn hele levensloop aan zijn dochter verteld die al zijn verhalen met de computer heeft opgetekend en in een boekje heeft verwerkt.


Heeft u aanvullende informatie bij dit artikel, gelieve contact met ons op te nemen.