Soester Courant

Werkverschaffing Soest 1930-1940

Publicatiedatum: 13-06-2007

Vandaag in Hervonden Soest een foto van de bouw van het uitzicht koepeltje op de bult bij Soesterberg, het Soester Hoogt. De bouw van het koepeltje gebeurde in het kader van de werkverschaffing. In de crisesjaren dertig bepaalde de regering dat wie geen werk had en in de steun liep,in de volksmond “steun trok”, toch maar moest werken voor de kost in de zogenaamde werkverschaffing. Werkverschaffing is het in georganiseerd verband organiseren van projecten om werklozen een nuttige tijdsbesteding te geven. Het begrip werkverschaffing kwam al in de negentiende eeuw voor, maar is het vooral bekend uit de crisisjaren, de jaren 1930 - 1940. Wereldwijd was er in die periode een zeer grote werkloosheid. Ook in Nederland werd in de crisistijd een groot aantal werkverschaffingsprojecten opgezet. De werklozen kregen geen echte baan aangeboden, maar werden ze door de overheid verplicht om in grote werkploegen ongeschoold werk uit te voeren, bijvoorbeeld het ontginnen van een hoogveengebied of het graven van kanalen.

De landelijke grote projecten werden uitgevoerd onder leiding van de Heidemaatschappij. De Wadden , Het Amsterdamse Bos, Ontginning van de Drentse Hei en kamp Westerborg waren er voorbeelden van. Wat dichter bij huis, waar ook Soesters te werk werden gesteld, is het Park met siervijvers in het recreatiegebied Anna’s Hoeve 1933 en Julianapark in Utrecht.
Jonge mannen, zelfs jonge vaders die op de projecten ver van huis werkten waren de hele week van huis en vaak alleen van zaterdagavond en zondags bij hun gezin. En dat alles om vijf a zes gulden extra te verdienen boven de zestien gulden steun waarvan een gezin met zes kinderen normaal per week van moest leven. 

De gemeente Soest maakte eigen plannen om haar werkloze mensen aan het werk te houden.
De bouw van het natuurbad was er een, geopend in 1933. Verder was de aanleg van het openlucht theater ook een vrij groot project 1938.Het eerste stuk dat in het theater voor zo’n duizend mensen werd opgevoerd was “De Getemde Feeks” door het gezelschap van Louis Saalborn. De foto’s van vandaag zijn ook uit die tijd. 

De drie blokhutten , en tien banken met prullenbak en het uitzichtkoepeltje op de Bult met uitzicht op het vliegveld behoren tot kleine projecten die in de jaren ’30 zijn gemaakt in het kader van de werkverschaffing. 
Deze leuke dingen voor de mensen moesten de mooie omgeving van Soest aantrekkelijk maken voor de mensen die zomers de vele pensions bevolkte en ondanks de crisis voor de soester middenstand een bron van inkomsten vormden. Het moest goed toeven zijn in Soest sprak de in Soest geboren acteur Piet Ekel bij het 100 jarig bestaan van het VVV.Soest Vooruit.Mensen met nog wat geld wisten Soest wel te vinden. Pensionhouders maar ook wel particulieren gingen zomers in de garage of een hutje in de tuin wonen en het huis was voor de gasten. Kamers met vaste wastafel warm en koud stromend water.

De meeste banken stonden in het wandelbos langs de Soesterbergsestraat en één heeft er lang gestaan in het plantsoentje aan het einde van de Heideweg.
Gemaakt van geschild dennenhout uit het bos en verduursaamt door er carboleum op te smeren. Zo zouden ze de tand des tijds kunnen weerstaan, maar de gemiddelde levensduur bleek 25 jaar te zijn. Gedurende een aantal jaren nadat ze gemaakt waren, ontstonden er soms moeilijkheden, want als de zon erop stond waren de banken gevaarlijk om op te zitten. Niet alleen kwam er kleverige hars uit het verse hout maar ook de carboleum werd kleverig. Voor de argeloze de toerist die er op ging zitten had deze rustpauze nog wel eens rampzalige gevolgen. Menig zondags kledingstuk was voor altijd bedorven. De bij de bank geplaatste afvalbakken waren ook niet erg functioneel. De paaltjes stonden vast in de grond en er waren nog geen plastic zakken. De schoonmaker had dus geen andere keus en moest het afval er met zijn handen uithalen.
Tenslotte de werkfoto van het uitzicht koepeltje op de Bult.We hebben de gegevens van Jan Kraaijenbrink III uit Canada. Ook een geboren Soester. Hij had in die jaren een tuin- en boomkwekerij aan de Noorderweg. Hij emigreerde na de oorlog naar Canada waar hij een tuincentrum heeft opgezet. In de crisistijd gaf hij plant- en bosaanplantadviezen aan de gemeente.
Kraaijenbrink de derde heeft ruim de leeftijd van de zeer sterken bereikt maar hij herinnert zich de crisistijd nog als de dag van gisteren. Opmerkelijk zo schrijft hij ons, zijn de ladders waar de bouwers op staan. Gemaakt van “slieten” zo uit het bos, lomp en stevig maar erg zwaar. De gemeentekas was in de jaren nagenoeg leeg, u begrijpt, het mocht allemaal niet veel kosten. “De rol asfalt dakbedekking en de spijkers die werden gebruikt was ongeveer het enige waar geld voor werd uitgegeven”. 
We zien hem op de foto van het koepeltje in aanbouw ,helemaal rechts rechts, met de handen op de rug. De kleine projecten waren vaak zijn ideeen. Hij stond er bij en keek er naar.


Heeft u aanvullende informatie bij dit artikel, gelieve contact met ons op te nemen.